Begrijpt je lezer wat je bedoelt?

Begrijpt je lezer wat je bedoelt?

Laatst bijgewerkt: augustus 2026. Leestijd: 3 minuten.

Dhr. had vannacht 3x zachte def.

Ik weet nog precies dat ik die zin voor het eerst in een zorgdossier las. Def? Wat was dat? Defect? Definitief? Defibrillatie? Ik had werkelijk geen idee.

Ik was net begonnen als logopedist in een verpleeghuis. Voordat ik een cliënt behandelde, keek ik altijd eerst even in het dossier. Stond er iets bijzonders in de overdracht? Was er iets gebeurd waar ik rekening mee moest houden? Maar regelmatig kwam ik dus zinnen tegen als: ‘Dhr. had vannacht 3x zachte def.’ OfMevr. al vier dagen geen def.'

Na een paar dagen durfde ik eindelijk aan een collega te vragen wat dat mysterieuze ‘def.’ toch betekende. Het antwoord? Defecatie. Oftewel: ontlasting. Poep dus. Iedere verzorgende en verpleegkundige wist dat natuurlijk. Ik niet. En precies daar zit een belangrijke les over schrijven.

Voor wie schrijf je?

De verzorgende die deze overdracht schreef, deed eigenlijk niets verkeerd. In een dossier schrijf je vaak snel. Collega’s uit hetzelfde vakgebied begrijpen zulke afkortingen meestal zonder problemen.

Maar er lezen meer mensen mee dan alleen verpleegkundigen. Artsen. Logopedisten. Fysiotherapeuten. Ergotherapeuten. Psychologen. Diëtisten. Activiteitenbegeleiders. Soms zelfs stagiairs of andere disciplines die tijdelijk betrokken zijn. En blijkbaar was ik daar een van die niet wist wat def. betekende.

Dat zette me aan het denken. Want hoe vaak gebruiken we woorden waarvan we zelf denken dat ze heel normaal zijn, terwijl een ander ze helemaal niet kent?

Begrijpt je lezer wat je bedoelt?

Een tijdje later, ik was nog steeds logopedist in het verpleeghuis, gebeurde er nog zoiets. Ik behandelde een vrouw met Multipele Sclerose (MS), dat is een ziekte waarbij de beschermlaag rondom de zenuwen beschadigd raakt. Daardoor kunnen allerlei klachten ontstaan, bijvoorbeeld problemen met bewegen, praten of slikken.

Deze mevrouw had ernstige slikproblemen. Na uitgebreid onderzoek en overleg met het team van logopedisten stelde ik vast dat vast voedsel voor deze mevrouw niet meer veilig was. Ze verslikte zich er voortdurend in. Als voedsel in de luchtwegen terechtkomt, kan dat een longontsteking veroorzaken.

Mijn advies was daarom duidelijk (dacht ik): Geen vast voedsel meer. Alleen nog dikvloeibare maaltijden. Ik schreef dat in het dossier en daarna ging ik een week met kerstvakantie. Toen ik terugkwam, hoorde ik dat de vrouw ernstig ziek was geworden. Ze had een zware longontsteking. Tijdens de kerstmaaltijd had ze zich enorm verslikt in een kroket.

“Een kroket?” vroeg ik verbaasd. “Ja,” zei een verzorgende. “De voedingsassistente had jouw advies gelezen. Maar zij dacht dat een kroket niet onder vast voedsel viel. Vanbinnen is een kroket tenslotte best zacht en een beetje dik.”

Ik weet nog hoe ik daarvan schrok. Want ik had gedacht dat mijn advies glashelder was. Dat was het dus niet.

Waarom is duidelijk voor jou niet altijd duidelijk voor een ander?

Die ervaring is me altijd bijgebleven. Niet omdat iemand iets verkeerd deed. Integendeel. Iedereen wilde het goede doen. Maar we gaven verschillende betekenissen aan dezelfde woorden. Voor mij betekende ‘geen vast voedsel’ letterlijk: helemaal geen vast voedsel.

Voor de voedingsassistente viel een kroket blijkbaar in een grijs gebied. En juist daar ontstaan misverstanden.

Spreek je elkaars taal?

Dat geldt niet alleen in de zorg. Sterker nog: overal waar mensen met elkaar communiceren, speelt dit. Vraag jezelf daarom altijd af:

  • Voor wie schrijf ik?
  • Welke kennis heeft deze lezer al?
  • Welke woorden gebruikt deze lezer zelf?
  • Welke woorden kunnen verkeerd worden uitgelegd?
  • Is er ruimte voor verschillende interpretaties?

In de zorg schrijf je soms voor collega’s. Soms voor vrijwilligers, mantelzorgers, artsen,  bewoners, cliënten of familieleden. Dat vraagt steeds iets anders van je.

Een overdracht in een dossier mag best vaktermen bevatten als iedereen die leest dezelfde taal spreekt. Maar zodra je voor een bredere doelgroep schrijft, wordt het nog belangrijker om begrijpelijke woorden te kiezen.

En eigenlijk geldt dat ook als je schrijft voor vakgenoten. Want zelfs binnen één organisatie kijkt iedereen met een andere bril naar dezelfde tekst.

Betekent toegankelijk schrijven dat je alles moet versimpelen?

Soms denken mensen dat toegankelijk schrijven betekent dat je alles in Jip-en-Janneketaal moet schrijven. Dat is niet zo. Toegankelijk schrijven betekent dat je rekening houdt met de kennis van je lezer. Dat je uitlegt wat uitleg nodig heeft. Dat je woorden kiest die zo min mogelijk ruimte laten voor misverstanden. En dat je jezelf steeds één vraag stelt: Begrijpt mijn lezer wat ik bedoel?

Want uiteindelijk is dat het doel van elke tekst. Niet dat jij iets hebt opgeschreven. Maar dat de ander begrijpt wat je bedoelt.

Hoe schrijf je toegankelijk?

Wil je leren hoe je teksten schrijft die voor iedereen duidelijk, prettig en begrijpelijk zijn?

  • Tijdens de schrijftraining Toegankelijk schrijven leer je hoe je schrijft op B1-niveau, ingewikkelde informatie helder uitlegt en beter aansluit bij je doelgroep. Deze training maken we helemaal op maat voor jou en je collega’s.
  • Wil je liever eerst zelf aan de slag? In het e-book ‘Schrijven op B1-niveau’ vind je praktische uitleg, voorbeelden en tips om direct duidelijker te schrijven.
  • Of download gratis onze checklist ‘Schrijven op B1-niveau’. Daarmee controleer je stap voor stap of jouw tekst toegankelijk is.
  • Ben je op zoek naar nog meer handige hulpmiddelen? In onze Schrijfshop vind je trainingen, e-books, checklists en andere producten waarmee je jouw schrijfvaardigheid verder ontwikkelt.


Terug naar blog
  • Deadlinestress en uitstelgedrag

    Deadlinestress en uitstelgedrag

    Deadlinestress en uitstelgedrag gaan hand in hand. In plaats van haar boek te schrijven, lakt schrijfdokter Nora haar nagels en maakt ze puzzels. 

    Deadlinestress en uitstelgedrag

    Deadlinestress en uitstelgedrag gaan hand in hand. In plaats van haar boek te schrijven, lakt schrijfdokter Nora haar nagels en maakt ze puzzels. 

  • Waarom schrijven met ChatGPT een vak is

    Waarom schrijven met ChatGPT een vak is

    Schrijven met ChatGPT is een vak (dat je kunt leren). Vergelijk het met het knippen van een kapsel of het maken van schoenen: daarvoor moet je de juiste technieken leren. 

    Waarom schrijven met ChatGPT een vak is

    Schrijven met ChatGPT is een vak (dat je kunt leren). Vergelijk het met het knippen van een kapsel of het maken van schoenen: daarvoor moet je de juiste technieken leren. 

  • Boilerplate niet vergeten! Wat?

    Boilerplate niet vergeten! Wat?

    Wil je een persbericht schrijven? Vergeet je boilerplate niet. We leggen uit wat dit is en waarom dit echt een alinea moet zijn in je persbericht. 

    Boilerplate niet vergeten! Wat?

    Wil je een persbericht schrijven? Vergeet je boilerplate niet. We leggen uit wat dit is en waarom dit echt een alinea moet zijn in je persbericht. 

1 van 3